Passiefhuis Principe

Een passief gebouw is extra goed geïsoleerd. De eerste winst zit immers in warmte die in het stookseizoen wordt vastgehouden en niet verloren gaat.

Als gebouwd wordt in zware materialen als steen of beton is het gewenst de massa van die materialen zo veel mogelijk binnen de isolatie te brengen. Die massa kan warmte opslaan dat stabiliseert de temperatuur in het gebouw.

Isolatie aan de buitenkant van het gebouw is daarmee aantrekkelijk bij gebruik van zware bouwmaterialen. Deze buitenisolatie is overigens een beproefde techniek, die door meerdere leveranciers wordt aangeboden.

Passieve gebouwen zijn ademend. Door een (bijzondere) ventilatie-installatie wordt steeds even veel verse lucht ingebracht als vuile lucht wordt afgezogen. Daardoor kan de warmte van de verwarmde binnenlucht in het stookseizoen worden overgedragen aan de binnengebrachte frisse buitenlucht. 

  • Een passief gebouw wordt op het zuiden georiënteerd, afwijkingen van 20 tot 30 graden van het zuivere zuiden zijn nog toegestaan.
  • De zuid oriëntatie maakt benutting van gratis zonnewarmte in het stookseizoen mogelijk.
  • Zomers is die zuid oriëntatie nog belangrijker om oververhitting te voorkomen, de zonnebaan heeft hiervoor een interessant ingebouwd regelmechanisme. In het zuiden staat de zon in de winter veel lager aan de hemel dan in de zomer. Daardoor kan de winterzon gemakkelijk binnen komen en kan ongewenste zomerzon gemakkelijk worden buiten gehouden.
  • Een passief gebouw heeft grote ramen aan de zuidkant en veel kleinere ramen aan de noordkant.
  • Een passief gebouw heeft ook interne zonering. Dat wil zeggen dat ruimten waar warmte gewenst is aan de zuidkant liggen. Dat zijn: woonkamers, kinderkamers en dergelijke dus aan de zuidkant. Ruimten die warmte produceren of geen warmte nodig hebben liggen aan de noordkant. Dat zijn: keukens, trappenhuizen, bergplaatsen, garages en dergelijke.
  • Moet voldoen aan de eis van het passiefhuis-certificaat.
  • Passiefhuizen mogen niet meer dan 15 kWh/m² per jaar verbruiken voor ruimteverwarming
  • We spreken van een passief gebouw wanneer deze beschikt over zowel een ontwerp- als uitvoergingscertificaat waarin is vastgelegd dat wordt voldaan aan de gestelde eisen. Eén van de parameters die deel uitmaakt van de PHPP-berekening is het infiltratievoud n50 in h-1. Voor het verkrijgen van het ontwerpcertificaat wordt voor nieuwbouwprojecten een infiltratie ≤ 0,6 h-1 bij 50 Pascal ingevoerd. Bij een standaard Agenschap NLwoning komt dit ongeveer overeen met een qv10 ≤ 0,15 dm3/s.m2 klasse 3.

  •